ze zal de stad zijn
niet leren om keuzes te maken
om stil te zijn
om zich klein te houden
ze zal bouwen
Frederique Luijten
Schôon…voor wie het wil zien
niet leren om keuzes te maken
om stil te zijn
om zich klein te houden
ze zal bouwen
Frederique Luijten
Wat als we worden overreden
Wat als we heimwee krijgen, zoals laatst
Wat als we onderweg verdwalen
Wat als de toegang is verplaatst
Wat als we geen slaaphol vinden
Wat als er een boom omvalt
Wat als we mensen tegenkomen
Wat als een jager op ons knalt
Wat als er een brand uitbreekt
Wat als er geen beekje is
Wat als er geen noten zijn,
geen bessen, honing en geen vis.
Wat als er ineens onweer…
Stop!
We laten rampgedachten los
Samen staan we beresterk
Dus hup, de weg af, naar het bos.
Gedicht Annemarie van den Brink,uit tijdschrift Dichter 37
Foto atelier Hans Claesen
Elke
weegschaal legde ’t loodje,
waarop jij
je had gewogen
in je
imposante blootje
en dan tóch
die meisjesogen.
Ik werd
haast verliefd op jou,
ik vond jou
zo’n enig mens,
buurvrouw
van over de
grens.
Jij mocht
naar geheimen vragen
zonder dat
ik me ging schamen
en we hebben
in die dagen
heel wat
afgelachen samen.
Dat het zo
niet blijven zou,
ach, dat
wist toch geen mens,
buurvrouw
van over de
grens?
Ik kan niet
meer met je praten,
alles is nu
zo beladen:
als ik zeg
wat ik moet haten,
zul je mij
misschien verraden.
Overal is
kwade trouw,
alles heeft nu
zijn tendens,
buurvrouw,
van over de
grens.
Gedicht
Buurvrouw van Willem Wilmink
Atelierfoto Carré
Wat zal er van mij over zijn
als ik lichamelijk verdwijn?
Boeken, bleke tekeningen,
schoenen, sokken, al die dingen
waarin ik mij nog na laat strelen,
maar het vele zal vervelen,
de op te vouwen, weg te zetten
foto's, foute zelfportretten,
als het jouwe en het mijne
zal als morgendauw verdwijnen
met het verdampende verdriet.
Maar onze liefde, nee, die niet.
Die woekert als wikke langs een grond
die ogenblikkelijk bestond.
Mensen die niets van ons weten
door onze liefde lief bezeten
zullen onze dingen doen en
zoenen en zoenen.
Foto Atelier Ad Willemen, gedicht Leo Vroman