Ze
zeggen dat ze Nero nog gevoed heeft
Dat
ze Napoleon z'n broodjes heeft gesmeerd
De
Beauvoir en Signoret, ze bracht ze allebei naar bed
Ze
heeft Euripides het ABC geleerd
Zoveel
baby's als er door haar zijn gewassen
Zoveel
stervenden heeft zij voor 't laatst gehoord
Wie
verlamd was of melaats, vond bij haar altijd een plaats
Een
beetje schaduw, of een verwarmend woord
Verdwaalden
heeft ze teruggeleid, naar een huis van rust en veiligheid
En
steeds wanneer ergens haar taak was volbracht
Den
nam ze haar spulletjes en ging ze zacht
Als
een dief in de nacht naar een andere tijd
Ze
liep voorop in de Franse revolutie
Om
bemoedigend te spreken waar ze kon
En
in wereldoorlog twee bracht ze elke middag thee
Aan
de soldaten van het vijfde bataljon
Dat
de meesten haar vergaten op te merken
Of
hun dankbaarheid niet toonden, deed haar niets
Onuitputtelijk
als wat, deelt ze met iedereen de schat
Uit
haar schortzak of het mandje op haar fiets
Tot
elke dienst en daad bereid, zo onvoorwaardelijk toegewijd
En
zijn de troost en het voedsel verstrekt
Dan
pakt ze haar spulletjes en ze vertrekt
Naar
een andere plek en een andere tijd
Op
een goeie dag kwam ze mijn vader tegen
En
ze zag dadelijk hoe nodig ze hier was
Vanaf
dat moment is zij de warme douche voor hem en mij
Moeder
Theresa in een badstof ochtendjas
De
poezie, die ooit haar daden sierde, lijkt minder, maar soms schiet ik vol
Als
ze iets opraapt van de grond, of ze praat tegen de hond
Of
langdurig worstelt met een keukenrol
O
moeder, mama, majesteit, o bron van mijn geborgenheid
En
is straks na jaren uw werk hier gedaan
Dan
trekt u uw zondagse lakschoenen aan
Dan
pakt u uw fietstas en zal u weer gaan
Naar een ander bestaan en een
andere tijd...
Tekst Jurrian van Dongen / Madonnabeeldje
van Kees Reijnen